Siem Reap (2) – 29 december tot 3 januari

Informatie over Sem Reap

Voor informatie over Siem Reap zie vroeger in de blog.

Eigen ervaring

Daar Siem Reap bekend staat om zijn tempels kon een bezoekje daaraan natuurlijk niet ontbreken. Ik had met een Zuid Afrikaanse, die ik eerder in Thailand was tegengekomen, afgesproken om de tempels samen te bezichtigen. Zo konden we de prijs van de tuktuk en gids delen. Dit schol toch al een beetje want recentelijk hebben ze de inkomprijzen vandeeg verhoogd. Een ticket voor 1 dag kost nu 37 dollar en een 3 dagen kaart, dit kan je gebruiken gedurende een week, 62 dollar. Op de eerste dag stonden de bekendste tempels op het programma. Na de aankoop van ons 3 daags ticket gingen we op weg naar de tempels. De gids die we voor 1 dag hadden gehuurd was goed maar had 1 probleempje. Hij begon met zijn uitleg en 8uur later was hij nog bezig. Gevolg ik weet er allemaal niks meer van.

We besloten bij de 2de tempel nl. Angkor Thom. Deze is vooral bekend om de hoofden die op de torens zijn gedecoreerd. De volgende stop was mss wel de iinteressanste van allemaal nl. Het Ta Prohm tempelcomplex. Ook wel gekend als Lara Crofts Tomb Raider. Hier waande je je als een Indiana Jones in de tempels. En kon je op zoek naar enkele geheimen. Het werd een ware ontdekkingstocht. De laatste stop was de stop bij de tempels der tempels nl. Angkor Wat. De majestueuze tempel omgeven door een gigantische gracht deed zijn naam alle eer aan. Het was indrukwekkend hier door de tempel te dwalen en alle verdiepen te verkennen. De volgende dag moesten we al vroeg uit de veren want we zouden de zonsopkomst aan Angkor Wat aanschouwen. Blijkbaar hadden meerdere mensen dit idee opgevat want je kon over de koppen lopen. Toch slaagden we erin perfecte plek te vinden. Eens de zon op was en we de nodige foto’s hadden, namen we een ontbijtje aan de tempel en vertrokken voor de grote toer.

De eerste tempel op het programma was Wat Phnom Bok. Dit was een ruïne boven op een heuvel. Om hier te geraken moesten we eerst een stuk klimmen, dan volgden een 450 treden om daarna nog een stukje te klimmen. Maar de beloning, een geweldig uitzicht, de tempel helemaal verlaten. Ongestoord kon je de tempel hier verkennen. De volgende tempel was Banteay Samré, een tempel met gigantisch veel gangen. De volgende tempel was Banteay Srei, een tempel die in de 10de eeuw gebouwd werd, en zoveel betekent als tempel van de vrouwen. Deze tempel is één van de best bewaarde en meest gedetailleerde tempels binnen het Angkor tempelcomplex. De tempel is prachtig. Doordat het wat afgelegen ligt van de bekendste tempels is het er niet zo druk wat maakt dat het daar aangenaam vertoeven is. Na het bezoek aan deze tempel liep het wegens de taalbarrière iets wat fout. Normaal zouden we nog enkele tempels bezoeken maar dit gebeurde niet. Echt heel erg vonden we dat niet. Nu waren we op tijd terug in Siem Reap. Zodat we nog wat konden rusten om ’s avonds oudjaar te vieren.

In Pubstreet was het gigantisch druk maar toch slaagden we er nog in om een tafeltje te bemachtigen en rustig wat te eten en drinken. De perfecte plek om het nieuwe jaar te starten. Na een relax dagje op nieuwjaarsdag volgde een laatste dag Siem Reap. In de voormiddag startten we met een Khmer kookcursus. Dit was bij een familie thuis. Plezant was het wel maar veel heb ik er ni van opgestoken. Ik heb geen menu’s of ingrediëntenlijst gekregen dus met een Khmer keuken ga ik niet beginnen. De springrolls en het slaatje wat we gemaakt hadden smaakten subliem. De curry en de amok bereidt zoals ze het zegden was voor mij te zoet en er ontbrak wat aan, maar dat is de Cambodjaanse keuken blijkbaar. Ook aan het nagerecht mankeerde iets.

Achteraf ging het via een blitsbezoekje naar Tonlé Sap dit is het grootste zoetwater meer van Zuidoost Azië. Het meer staat in verbinding met de Mekongrivier. Wat deze plek zo uniek maakt is dat in het regenseizoen de Mekong rivier van stroomrichting veranderd. Hierdoor wordt de oppervlakte van het meer tot 5 maal zo groot. Heel indrukwekkend. Op het meer bevinden zich verschillende drijvende dorpjes. De paalwoningen waar de bevolking in woont zijn zeer hoog. In het regenseizoen kan het meer met wel 12m stijgen. Ongelooflijk hoe de bewoners zich haast probleemloos aanpassen aan de getijden van de natuur.

Enkele bevindingen

Bij een bezoekje aan Cambodja mag Siem Reap zeker niet ontbreken. Naargelang je tijd hebt zou ik zeker voor een 3dagenpas gaan. Dit komt in verhouding veel beterkoop uit en er is veel meer te zien dan Angkor Wat. Ik zou zeggen ga alleen op verkenning en ontdek tempels waar niemand is. Verder is Tonlé Sap zeker meer dan een bezoekje waard. Maw voor Siem Reap zou ik zeker 3 a 4 dagen uittrekken het is het meer dan waard.

Battambang 26, 27 en 28 december

Informatie over Battambang

Battambang is de derde stad van Cambodja qua inwoners en het is de hoofdstad van de gelijknamige provincie Battambang. Het werd in de 11de eeuw opgericht door het Khmer-rijk. Het is de toonaangevende rijstproducerende provincie van het land. De stad ligt aan de rivier Sangkae die zich schilderachtig een weg baant door de provincie Battambang. De stad wordt verder gekenmerkt door de Franse architectuur. Battambang werd opgericht als een belangrijke handelsstad met ongeveer 2500 inwoners in de 18de eeuw. Na de kolonisatie door de Fransen werd een stedelijke indeling ontwikkeld. Drie parallelle straten met de rivier en zijstraten in rasterpatroon. Bij verdere ontwikkelingen volgde de bouw van bruggen en de spoorlijn. De bezienswaardigheden in de stad zijn de tempels, de killingcave en de batcave, het circus.

Eigen ervaring

Na een eerste aangename verkenning van het stadje, het is een gezellige rustige stad met vele oude Franse gebouwen volgde de volgende dag een tuktuk toertje naar de highlights van de omgeving. De eerste stop was een rijstnoedels fabriekje. Nooit geweten dat dit zo arbeidsintensief was. Hierna volgde een heerlijke Khmer lunch. Voor de kenners het heeft naar het schijnt veel gelijkenissen met Vietnamees eten. Maar dat weet ik nog niet want ik ben er nog niet geweest. Na de innerlijke mens versterkt te hebben ging het naar de bamboetrein. Hier zagen we een onuitgegeven staaltje van de Khmerinventiviteit. De spoorlijn die nooit echt gerendeerd had lag er maar te liggen. En om snel van de ene naar de andere plaats te geraken werd de bamboetrein in leven geroepen.

Aangedreven door een grasmachine motortje rijdt het treintje van het ene naar het andere station. Momenteel vooral een toeristische trekpleister maar toch heel leuk. Enig probleem als er een tegenligger aankwam moest er een treintje ontmanteld worden en van het spoor gehaald tot de tegenligger voorbij was en dan kon de andere trein terug gemonteerd worden en konden we weer verder. Best amusant eigenlijk. Na dit geweldig avontuur volgde een tuktukrit richting de grotten. Het grotten complex bestond uit enkele mooie normale grotten waar je een avontuurlijk pad moest volgen om de uitgang te bereiken, nl de natuurgrot en de bloemen grot, natuurlijk voorzien van de nodige boedha’s. En verder was er nog de macabere grot de killingcave. Ten tijde van de guerillia oorlog werden levende mensen van boven in de grot gesmeten. Uit de grot geraken was onmogelijk. Hoeveel mensen er de dood vonden weet ik niet maar ook hier liepen de koude rillingen over mijn rug. Om de tour toch nog nog wat luchtig te eindigen volgde de vleermuizen grot. Bij zonsondergang komen de vleermuizen buiten en gaan ze op jacht naar insecten. Het schouwspel was ongelooflijk, vanaf dat de zon onderging volgde een onophoudelijke stroom van vleermuizen tot de naar schatting 7 miljoen vleermuizen de grot hadden verlaten. Eens de zwerm buiten de grot waren tekenden zich ongelooflijke patronen in de lucht af net een levend kunstwerk.

Mijn laatste dag Battambang wou ik de regio met de fiets verkennen . Maar met de laatste fietstoer in gedachten opteerde ik toch maar voor een wandeling. Dit ging waarschijnlijk even snel. Één tempel wou ik nog bezoeken nl. Wat Samroung Knong. Deze tempel draagt ook een zwart verleden met zich mee. Ten tijde van de Rode Khmer werd de tempel gebruikt als gevangenis. Dit ging zoals overal in het land gepaard met de nodige martelingen en moorden. Ook hier zie je de schedels in een stoepa ingemetseld zodat deze tijd nooit vergeten wordt. Na dit wederom heftige bezoekje mocht het wat luchtiger. In de buurt zou een lotusboerderij zijn maar helaas was deze nergens te bespeuren. Jammer maar helaas , er zat niks anders op dan rustig terug te wandelen en de omgeving in me op te nemen. ’s Avonds in het hostel was er nog een jamsessie zodat het nog gezellig werd aan de bar samen met een schot en een Griekse.

Enkele bemerkingen

Battambang is een leuk stadje tussen Siem Reap en Phnom Penh. Je kan er enkele interessante plekken bezoeken. Er heerst een gezapig sfeertje, er bevinden zich nog prachtige oude Franse gebouwen en er zijn leuke eettentjes en barretjes zonder dat er nachtbrakerij is. Kortom de perfecte tussenstop.

Phnom Penh 21 tot 26 december

Informatie over Phnom Penh

Phnom Penh is de hoofdstad van Cambodja. De stad ligt in het zuidoosten van het land bij de samenvloeiing van de Mekong rivier en de Tonlé Saprivier. De rivier de Bassac splitst zich hier van de Mekong af. Er wonen meer dan 2 miljoen mensen. De stad werd opgericht in 1372. Na de val van Angkor werd het de hoofdstad in 1434. Het duurde tot 1866 voordat de regering zich hier permanent kwam vestigen. In 1866 werd gestart met de bouw van het Koninklijk Paleis, later gevolgd door de zilveren pagode.

Tegen de jaren 20 van de 20ste eeuw stond de stad gekend als de Parel van Azië. In 1975 was de bevolking opgelopen tot meer dan 2000000 inwoners. Op 17 april van dat jaar viel de stad en werd bezet door de Rode Khmer. Later werd de stad hardhandig ontruimt. De Tuol Svay Prey hogeschool werd veranderd in de gevangenis Tuol Sleng (S21) dit is nu het Tuol Sleng museum en is net als Choeung Ek, dat 15km buiten het centrum ligt een herinnering aan diegenen die vermoord zijn door de Rode Khmer. In 1979 werd de Rode Kmer verdreven en begon langzaam de wederopbouw. Bezienswaardigheden in de stad zijn het paleis, de zilveren pagode, enkele tempels, musea en net buiten de stad de killingfields.

Eigen ervaring

Na een rustig busritje bleek al snel dat mijn slaapplaats niet zo bekend was. De tuktuk rijder kon het niet vinden zodat ik zelf maar op onderzoek uitging. Na een poosje had ik het gevonden. De plaats op zich was ok maar veel te beleven was er niet. Er was bijna geen volk en degene die er waren, tja… Ik had voor enkele dagen geboekt dus zat er niks anders op dan er het beste van te maken he. Het was niet mijn ding. Mijn lievelingsstad zal het niet worden denk ik.

De dagen dat ik er ronddwaalde kwam ik langs enkele grote pleinen, wat parkjes, langs de rivier oever maar echt gezellig was dat niet. Het paleis en de pagode waren dan weer wel een bezoekje waard, dit voor de luchtige bezoekjes. Waar de meesten echter voor naar hier komen zijn de beruchte voormalige gevangenis S21 en de killingfields. Zoals de naam het al doet vermoeden is een bezoekje hieraan geen luchtige zondagswandeling. De aangrijpende foto’s van hoe de mensen hier binnen kwamen en hoe ze weer buiten kwamen, de Khmer documenteerde alles, de foltertuigen, de cellen…het greep echt naar de keel.

Na gevangenis S21 ging het naar de killingfields. De verhalen en gebeurtenissen waren zo mogelijk nog aangrijpender. Niemand die hier binnenkwam verliet het terrein. Allen werden vermoord en in massagraven gedumpt. Hartverscheurend, aangrijpend, onbegrijpelijk, zo onmenselijk, zelfs bij 35°C liepen de rillingen nog over mijn rug. Om de verdere omgeving te verkennen boekte ik een fietstoer. Ik wilde een tochtje van een 60tal km doen maar hiervoor moest je met tenminste 2 deelnemers zijn. Ik was maar alleen dus dit ging niet door. Dan maar een klein tochtje op 2 eilanden. Het tochtje op zich was maar een 20tal km. Het zou op zich best een leuk tochtje geweest zijn ware het niet dat de helft blijkbaar nog nooit een fiets van dichtbij gezien had. Zelfs stapvoets konden ze niet volgen. Eens overgezet met de veerboot waande je je ineens in een andere wereld. Weg drukte, als iedereen zou kunnen fietsen, zou het hier aangenaam fietsen zijn.

Op het eerste eiland brachten we een bezoekje aan een zijde weverij. De zijde werd gewonnen van de coconnen van de zijderups. Best interessant állemaal. Daarna bezochten we nog een eilandje. Veel speciaal valt er niet over te zeggen. De leuze same same but different verklaard alles. De tempel is hetzelfde als de andere maar anders. Eens terug in het stadscentrum volgde nog een lunch alvorens de tocht af te sluiten.

Enkele bevindingen

Phnom Penh is helemaal niet voetganger vriendelijk. Auto’s worden op voetpad geparkeerd zodat je gedwongen wordt om op de straat te gaan. Het is er zeer druk en in de stad op zich is niet veel te beleven. Ik zou er niet te lang blijven.

CAMBODJA – Siem Reap 19 en 20 december

Informatie over Siem Reap

Siem Reap is een stad in Cambodja en is de hoofdstad van de provincie Siem Reap. De stad telt ongeveer 150000 inwoners en is daarmee de derde grootste stad van Cambodja. Siem Reap is de uitvalsbasis om de tempels van Angkor te verkennen. Dit tempelcomplex is het grootste ter wereld en is wereldberoemd geworden door de tempel Angkor Wat. Echte bezienswaardigheden ontbreken in de stad, maar de marktjes, eetkraampjes en winkels zorgen ervoor dat het aangenaam vertoeven is. Verder is er een nightmarket, circusvoorstellingen en de niet de versmaden Pub street die ’s avonds veranderd in het walhalla voor feestbeesten.

Eigen ervaring

Vanuit Pakse nam ik het vliegtuig naar Siem Reap. Na een klein uurtje landden we op de internationale luchthaven. De vlucht was voortreffelijk verlopen en zelfs de service aan boord was onberispelijk. Na eerst mijn Visa on arrival te hebben geregeld ging het richting douane. Dit leverde geen problemen op. Mijn bagage was ondertussen ook al vrolijk aan het rondcirkelen op de bagageband. Ik had het enkel te pakken en kon verder. Van het hotel kwam iemand mij oppikken maar ze waren er nog niet. Dus kon ik nog rustig een nieuwe SIMcard aanschaffen. Eens dit in orde begon het wachten. Na iets wat leek op een eeuwigheid, al de rest was al opgepikt, arriveerde mijn tuktuk. Een kleine 20 minuten later was ik in mijn hotel. Mijn kamer was enorm, de helft kleiner en het zou nog een grote kamer zijn. Maar voor op mijn kamer te zitten was ik hier niet.

Bij de eerste verkenning had ik al snel het gevoel dat het toch een drukke stad was. Blijkbaar weten ze ook niet echt goed hoe ze riolering en wegen moeten aanpakken. Het was één en al bouwwerf. De lpcals gaan er wel relaxter mee om dan in België had ik de indruk. Daar ik over een dikke week terug naar Siem Reap kom om de tempels van Angkor te bezoeken bleef ik nu in de stad. Veel speciaals valt er niet over te zeggen maar het was wel een aangenaam dagje.

Enkele bevindingen

De stad is een perfecte uitvalsbasis voor de tempels van Angkor. Na een dagje tempelspotten kan je heerlijk relaxen. Ideaal.

Pakse (2) 17 en 18 december

Informatie over Pakse

Zie vroeger

Eigen ervaring

Het gene wat ik nog niet bezocht had was het Bolaven Plateau. Deze zwarte vlek werkte ik nog vlug weg alvorens Laos te verlaten. In het hostel had ik een toer geboekt en ’s morgens rond 8u werden we opgepikt. Van dit hostel waren we met 5 en in het totaal was het een groep van 13. Op het Bolaven Plateau bezochten we enkele watervallen, zoals Tad Fan, Tad Yuang en Tha Teang. De ene waterval al spectaculairder dan de andere. Een bezoekje aan een koffie- en theeplantage stond ook op het programma. Hier had ik wel een kleine uitleg verwacht maar het thee proeven maakte veel goed. Natuurlijk kon zo een georganiseerd tochtje niet anders dan ook langs een weverij dorpje gaan. Het voordeel was dat je je benen nog eens kon strekken. En nog een positief punt. Ze waren niet opdringerig, je kon rustig rondwandelen zonder dat je lastig gevallen werd.

Mijn laatste avond in Laos verliep in stijl , na eerst te beginnen met een aperitief in het hostel dan lekker wat gaan eten en achteraf nog enkele drankjes met wat mensen van het hostel werd het nog een gezellige avond.

Enkele bevindingen over Laos

Laos is een prachtig land, schitterende natuur, vriendelijke bevolking, een indrukwekkende geschiedenis en enkele niet niet missen plaatsen om te bezoeken. Laos is voor mij één van de verrassende landen in Azië. Ik zou zeggen het is zeker een bezoekje waard.

Don Det one of the 4000 islands 13 till 17 december

Informatie over Don Det

Don Det is een eiland in het midden van de rivier de Mekong in Si Phan Don in Laos. Tot voor 5 a 10 jaar geleden was Don Det een buiten de voorgekauwde paden bestemming. Maar sinds de ingrijpende maatregelen in Vang Vieng is dit het backpackers paradise van Laos geworden. Veel goedkope guesthouses en veel barretjes. De enige manier om hier te geraken is met kleine bootjes. Vanaf hier kan je ook trips boeken richting Cambodia. Veel tempels of cultureel belangrijke bezienswaardigheden vind je hier niet. Maar je kan hier zwemmen in de Mekong, tubing (dobber een paar uur in een band op de Mekong), je hebt de watervallen, bekijk de Mekong dolfijn (hier moet je wel snel voor zijn want er schijnen er nog maar 3 te zijn), ga op avontuur naar afgelegen eilanden, kajakken, het eiland rondwandelen (het pad rond het eiland is 7.2km), huur een fiets en verken het grotere eiland Don Khon, of relax met een geweldige zonsondergang…

Eigen ervaring

Na een kort saai ritje met een oude aftandse bus bereikten we Ban Nakasang. De laatste plaats waar we geld konden afhalen. Alvorens met een bootje richting Don Det te varen. Na een klein kwartiertje bereikten we het eiland. Het guesthouse dat ik gekozen had was dik in orde. Geweldig uitzicht, ontbijt op het water en dicht bij de pier. Ideaal. Hier ging ik 4 dagen relaxen. Hoewel het het backpackers mekka van Laos is lag mijn guesthouse ver genoeg van de drukte zodat je er geen last van had. Het eiland was geweldig, bij mijn verkenningstocht te voet werd je overal begroet door de inwoners, genoot ik van de rust en het prachtige uitzicht. Prachtig gewoon. De zonsondergang gezien vanuit mijn hangmat maakte het helemaal kompleet. Met de fiets verkende ik het grotere eiland Don Khong, dit eiland is via een brug verbonden met Don Det. Het was de bedoeling dat deze brug dienst zou doen als spoorwegbrug maar zo ver is het nooit gekomen.

Als eerste stop was er een bezoekje aan de Lhi Phi falls. Dit zijn enkele watervallen in de Mekong rivier. Ze hebben er een waterpark van gemaakt waar je ook kan ziplinen en zwemmen. Op het eiland zelf zouden ook enkele watervallen zijn en deze wou ik bezoeken. Via kleine padjes, door dichte bossen ging ik op pad. De eerste watervalletjes waren het woord waterval niet waardig maar verderop zou een indrukwekkende waterval zijn. Klein probleempje echter met de beste wil van de wereld geraakte ik er niet. Ik moest langs 2 defecte bruggen. De eerste was niet echt een probleem, de tweede geraakte ik niet over. Terug keren was de enige optie. En de waterval heb ik helaas niet meer gevonden. Het blijkt dat ik hier vlakbij de grootste watervallen van Azië ben en dat je hier ook Mekong dolfijnen kan spotten. Dit wou ik natuurlijk wel eens zien. Maar zoals al wel meer is voorgevallen in dit tripje was het weer een duur grapje aangezien ik alleen was. Niemand had de trip geboekt.

De enige manier om dit betaalbaar te doen was kajakken. Alhoewel kajakken niet mijn ding was heb ik die tocht dan maar gekozen. En nu kan ik zeggen kajakken is nog altijd ni mijn ding. Het tochtje naar de dolfijnen duurt niet te lang en je ziet ze. Maar voor hoelang nog? De watervallen zijn best indrukwekkend alleen heb je maar een paar viewpoints.

Enkele bevindingen

Don Det of Don Khong zijn de ideale plaats om rustig te relaxen. Midden van de Mekong weg van al het drukke verkeer. De rust wordt soms enkel wat verstoord door verkeer op de rivier. Het is kortom de perfecte plaats om tot rust te komen. Wil je de Mekong dolfijn spotten dan raad ik je aan zeer snel te zijn. Er blijken er nog maar 3 te zijn.

Champassak 11 en 12 december

Informatie over Champassak

Champassak is een stad in de Laotiaanse provincie Champasak. De stad was vroeger de hoofdstad van het koninkrijk Champassak. De koningen van dit koninkrijk hadden hun paleis hier. Alleen de laatste koning regeerde vanuit Pakse. Het koninkrijk werd in 1945 door de Fransen opgeheven en opgenomen in het koninkrijk Laos. De stad ligt aan de oever van de Mekong. De regio is één van de belangrijkste koffieproducerende gebieden in Laos. De stad wordt vooral gebruikt als uitvalsbasis voor een bezoekje aan Wat Phou. Wat Phou betekent letterlijk tempel van de berg. Oorspronkelijk was het complex hindoeïstisch. Maar in de 13de eeuw heeft het hindoeïsme plaats gemaakt voor het boeddhisme. De tempel is een Khmer ruïne

Eigen ervaring 

Omdat er via Pakse geen dagtours werden gemaakt naar Champassak besloot ik er zelf maar heen te gaan en er een paar nachten door te brengen. De afstand was niet ver doch had ik 3 verschillende voertuigen nodig voor ik er was. Een bus pikte me op aan het hostel. Dat was handig. Ik bereidde me al voor op een comfortabel ritje maar dat was buiten de chauffeur gerekend. Na een half uurtje werd ik ergens gedropt. Hier zou 10minuten later een bus me oppikken. Een bus zag ik niet maar de eerste de beste tuktuk nam me mee tot de Mekong. Om overgezet te worden moest ik dan nog wachten tot we met 6 waren en dan pas ging het naar de overkant. Hoewel het een zalig rustig plaatsje is was ook hier het gebruikelijke gezever met de tuktuk. Ik zat nog in de boot of het begon al.

Het stadje op zich heeft eigenlijk maar 2 straten, ik dacht dat ik wel ni verkeerd zou gaan en vatte te voet de tocht aan. En na een half uurtje bereikte ik mijn guesthouse. Een bezoek aan Wat Phou stond voor de volgende dag gepland. In plaats daarvan volgde een wandeling van 12km door de rijstvelden, kleine dorpjes, langs enkele tempels… rustgevend en prachtig. Natuurlijk moest ik ook nog verschillende keren een goede dag zeggen en wuiven. Heel plezant allemaal. De Wat Phou tempel ligt op een 8.5km van het stadcentrum, om daar te geraken huurde ik een fiets. Het merendeel van de route ging over geasfalteerde weg. Zelfs met het vehicel dat ze fiets noemen mocht dit geen probleem zijn. Op een gezapig tempo, met wat wuiven en goede dag zeggen bereikte ik na een 40tal minuten de site.

had ik mijn smartphone op zak. Mr. Google weet toch alles? Blijkbaar toch niet. In het midden van het grote niets zette google een blauw punt van waar ik was. En om bij de ruïne te geraken gaf hij een route aan 6km over weg en zandweg en dan een padje. Zo gezegd zo gedaan. Alles liep gesmeerd totdat ik het padje moest zoeken. Dat vond ik niet. Uiteindelijk met behulp van enkele locals. Ze brachten me door de rijstvelden van de ene na de andere. Bereikte ik na 3 gidsen de ruïne. Deze ruïne was interessanter dan de vorige maar vooral de zoektocht naar de ruïne maakte het af. Zonder de hulp van de locale rijstboeren had ik het nooit gevonden. En was ik niet zonder kleerscheuren terug geraakt denk ik. Want na 2 rijstvelden te hebben overgestoken was ik mijn oriëntatie al kwijt.

Enkele bevindingen

Champassak is een rustig klein stadje in Laos. Prachtige uitzichten, belangrijke ruïnes, vriendelijke bevolking. Als je net van Cambodia komt valt het misschien wat tegen maar als je wat avontuurlijk bent aangelegd raad ik je zeker de 3de ruïne aan. De tocht erheen is een heuse ontdekkingstocht.

Pakse 9 en 10 december

Informatie over Pakse

Pakse is de hoofdstad van de provincie Champasak en het gelijknamige district Pakse. Met ongeveer 100000 inwoners is het de tweede stad van Laos. Pakse ligt in het zuiden van Laos aan de Mekong en de kleinere Se Don rivier. Pakse is in het begin van de 20ste eeuw ontstaan als administratief centrum in de unie van Indochina. De laatste koning van het koninkrijk Champasak woonde in Pakse. Hij liet het Cjampasak Palace bouwen maar ontvluchtte het land in 1974 nog voor het volledig afgewerkt was. Hij ontvluchtte het land vanwege zijn rol in de Laotiaanse oorlog. In 1975 viel het in handen van de communistische troepen van de Pathet Lao en brak een nieuw tijdperk aan voor de stad. Pakse heeft niet veel bezienswaardigheden maar is desondanks een aangename plaats voor een bezoek en verblijf. De stad wordt dikwijls gebruikt als uitvalsbasis voor een bezoek aan het Bolaven Plateau. Dit staat bekend voor zijn koffieplantages en indrukwekkende watervallen. Verder zijn er in de stad nog wat tempels en een museum.

Eigen ervaring

De bus zette ons af aan een terminal vrij ver van de stad gelegen. Te voet was geen optie, met de tuktuk chauffeurs viel hierdoor weinig te onderhandelen mede doordat de helft toeristen waren. Eens gesetteld in mijn hostel kon de kleine stadsverkenning beginnen. Veel speciaals was er niet te beleven. Wel kwam ik een kerkje tegen en eens binnen viel het me op dat de herders en de apostelen op de schilderijen een Laotiaans uiterlijk en Laotiaanse klederdracht droegen. Ergens anders was me dat nooit opgevallen, vandaar. Verder waren er nog wat tempels maar niet echt iets speciaals. Ik wou met een toer naar de ruïnes gaan maar wegens geen gegadigden ging dat niet door. Dan maar een trektocht naar de boeddha op een heuvel.

Om aan de heuvel te geraken moest ik eerst de Mekong over. Dit kon te voet over de brug. En dan begon het avontuur, het eerste stukje waren nog trappen, dan volgde een klein padje en dan niks meer. Door de jungle moest ik me een weg naar boven banen. Verscheidene keren moest ik onverrichter zake terugkeren maar na een hele tijd zoeken vond ik terug iets dat kon doorgaan als padje. En door dit te volgen kwam ik bij de boeddha en de tempel. Vanaf de heuvel had je een prachtig zicht over de rivier en de stad. Ideaal om even te bekomen. De afdaling verliep van een leien dakje en in de oude stad kon ik nog enkele oude Franse gebouwen aanschouwen.

Enkele bevindingen

Hoewel Pakse de tweede drukste stad in Laos zou zijn heb je helemaal geen opeen gepakt gevoel. In de stad op zich is inderdaad niet veel te beleven maar er heerst een gezapig sfeertje. Best wel aangenaam. Vanaf hier vertrekken de meesten naar het Bolaven Plateau of de 4000 eilanden. Aan jullie de keuze.

Thakhek 7 en 8 december

Informatie over Thakhek

Thakhek is een stad in Laos en is de hoofdstad van de provincie Khammprijs. De Mekong rivier scheidt de stad van Thailand. Het telt ongeveer 85000 inwoners. De stad heeft vele gebouwen in Franse koloniale stijl. Verder zijn er overblijfselen te zien van de mislukte Thakhek en Tan Ap spoorlijn. De stad is vooral bekend om de loop, een tocht van 450km door de wildernis van Laos.

Eigen ervaring

Een stop in Thakhek was eigenlijk niet de bedoeling maar de eigenaar van het vorige guesthouse vertelde me dat als ik een rechtstreekse bus naar Pakse zou nemen ik daar pas na middernacht zou aankomen. Dit klonk me niet echt geweldig in mijn oren. En zeker niet als ik dacht aan de plaatselijke bussen en de staat van de weg. Een tussenstop was de beste optie en Thakhek werd de plaats. Na 2 bussen te hebben gepakt, ergens halverwege werd ik afgezet, daar moest ik een andere bus nemen, bereikte ik Thakhek. Het was al donker toen we de terminal bereikten. Dit wou natuurlijk weer zeggen dat de tuktuk rijders weer hoge prijzen uit hun duim zogen. Maar met mijn beproefde strategie met wat rondkijken en doen alsof ik alle tijd had viel het op het einde qua prijs toch nog mee.

Ik wist eerlijk gezegd niet dat hier de rondrit startte, maar om alleen de 450km op een scooter af te leggen had ik geen zin en laten we zeggen bij diegene die in het hostel verbleven zag ik me niet echt aansluiten. De loop zal dus voor een andere keer zijn.

Mijn zondag bestond er uit om rustig de mooie oude stad te verkennen en aan de oevers van de Mekong rivier te genieten van het zonnetje en van het uitzicht. De eerste avond had de eigenaar van het hostel me al uitgenodigd om de volgende dag, vandaag dus, samen wat bier te drinken. Zo gezegd zo gedaan, hij troonde me mee naar zijn familie alwaar ik mee rond de tafel, lees op de mat, mee mocht eten en drinken. Onder het genot van een Laobier keken we nog naar de finale van het vrouwen voetbal op de SEA games. Hier versloeg Vietnam Thailand met 1-0. De familie waar ik was, was er precies tevreden mee. Zij tevreden dus ik ook tevreden.

Enkele bevindingen

Thakhek is een klein stadje met een mooie oude stadskern. De plek om de loop te starten. Vanaf hier kan je met de overzetboot naar Thailand. Ik weet niet of de grens hier open is voor toeristen. Het is een ideaal plaatsje voor een rustige dag.

Phonsavan 5, en 6 december

Informatie over Phonsavan

Phonsavan is sinds 1975 de hoofdstad van de provincie Xhieng Khuang in Laos. De stad telt ongeveer 60000 inwoners. De 60000 inwoners bestaan vooral uit etnische groepen, zoals de Phuan, Hmong, Khmu en Tai Dam. De stad werd in 1970 opgericht en staat bekend om zijn heuvels en bossen met pijnbomen. Ze leven vooral van veeteelt en rijstbouw. Een van de beste dingen om te bezoeken zijn de vlaktes van de kruiken. Deze vlakte heeft duizenden zandstenen potten die dateren uit de Ijzertijd. De plain of Jars werd tijdens de Indochinese oorlog de Plain of Scars genoemd omdat het direct in de weg van het conflict stond. Deze site kende uitgebreide bombardementen en werden ook gebruikt als afzetpunt voor ongebruikte artillerie na de oorlog. Er zijn verschillende oorlogsmonumenten voor soldaten die omgekomen zijn in de oorlog in Indochina. Zo is er de Tham Piu grot waar 374 mensen stierven nadat een raket de grot raakte tijdens de “geheime” oorlog in november 1969.

Eigen ervaring

Na een stussenstopje in Luang Prabang en de morgend erop een minibus, kwam ik in de namiddag aan in Phonsavan. De bushalte, een deel van de oude Amerikaanse luchthaven, was vlak bij mijn guesthouse. Het stadje op zich voelt aan als een provinciestadje. Niet zo groot, niet overdreven druk, geen grote appartementen. Als de temperatuur wat hoger zou zijn zou het best een aangenaam stadje zijn. Bij en bezoek aan een tempel geraakte ik in gesprek met een monnik die zijn engels wou oefenen. Niet dat ik er veel van verstond maar hij deed zijn best en gaf me nog een rondleiding terwijl hij een uitleg over boeddha gaf.

’s Avonds warmden we ons gezellig op aan het kampvuur in het guesthouse. Dit was wel nodig ook want de temperatuur zakte na zonsondergang tot het vriespunt en van verwarming in de challets hadden ze nog niet gehoord. Maar de reden om naar Phonsavan te komen zijn de “plain of jars” of in het Nederlands “vlakte van de kruiken”. Een bezoekje hieraan stond dan ook op het programma. Met nog een Zwitserse deed ik deze toer. De eigenaar van het guesthouse was de gids en verzorgde de toer. Alvorens naar de vlakte van de kruiken te gaan brachten we een bezoek aan het informatiecentrum. Hier kregen we de geschiedenis van Laos en meer bepaald die van de omgeving rond Phonsavan te zien. Best interessant en ook wel confronterend.

Laos blijkt het meest gebombardeerde land in de wereld te zijn. Terwijl er over Vietnam zoveel geschreven is was Laos op dat gebied een zwart gat. Van alle bommen wordt geschat dat 30% niet ontploft is. Wat er voor zorgt dat er zich nog regelmatig ongelukken voordoen. Na nog uitleg over de verschillende soorten bommen die er allemaal gedropt werden ging het naar de eerste site van de Plain of jars. Over het hoe, waarom deze kruiken er liggen bestaat tot op de dag van vandaag veel onduidelijkheid. Er zijn archeologische missies geweest maar niet iedereen is het over de besluiten eens. Wat wel een feit is dat het voor een uniek landschap zorgt. Zoals eerder gezegd lag het zwaar onder vuur tijdens de geheime oorlog. De krater inslagen en verschillende gebroken kruiken zijn er de stille getuigen van. Om op de site te geraken moesten we om de afgebakende plaatsen blijven. Deze waren reeds bomvrij gemaakt door de UXO. Om heel Phonsavan en omgeving bomvrij te maken wordt naarstig gewerkt.

Met de nodige uitleg en humor bezochten we nog 2 andere sites en trachten we ondertussen het misterie van de vazen zelf op te lossen. Helaas zijn we er niet in geslaagd maar het bezoek aan de plain of jars was geweldig. Ook nu verwarmden we ons ’s avonds aan het vuur en maakten het gezellig. Aangezien het hier in de oorlog nogal heftig was geweest besloot ik enkele oorlogsmonumenten te bezichtigen. Als eerste op het programma een Vietnamees monument, eens daar bleek er een omheining langs het monument te staan. Deze was helaas gesloten dus enkel vanop afstand kon ik het bekijken. Niet getreurd echter, een beetje verder stond het oorlogsmonument van Laos. Doch ander monument, zelfde verhaal. Ook hier geraakte ik niet bij. Bij het verder ronddwalen kwam ik voorbij een museum, hoewel er wel een keer of 4 open stond was ook dit museum gesloten.

Na een verwarmend koffietje besloot ik een Chinees kerkhof te bezoeken. Dit was best een interessant kerkhof, onderhouden was het wel niet goed, maar graven zoals bij ons stonden kriskras door elkaar met stoepa’s van hier. Het kerkhof lag boven op een heuvel. Daar was een gebouw (een soort kerk?) en ook een gedenkzuil. Dat denk ik dan toch. Maar u raadt het wellicht al, ook dit was afgesloten. Van een productieve dag gesproken. Bij het terug wandelen naar het guesthouse passeerde ik nog langs een informatie centrum. Dit was open dus hier ging ik dan maar binnen. Hier werd het verhaal van de geheime oorlog uit de doeken gedaan. Best aangrijpend allemaal. Evenals de acties die ondernomen worden om de gebieden hier terug veilig te maken. Dat was echt iets om even bij stil te staan.

Enkele bevindingen

Phonsavan is een kleine provincie plaats in het noorden van Laos. Het ligt op vrij grote hoogte. Met als gevolg temperaturen tegen het vriespunt ’s nachts. De mysterieuze kruiken zijn een bezoekje meer dan waard evanals de grotten waar velen in gingen schuilen. Een scooter of auto huren is zoals overal op eigen risico maar denk eraan 55% van de chauffeurs rijdt hier zonder rijbewijs. Het is maar dat je het weet. Een gewaarschuwd man….